Stock Magnate

Koning Willem-Alexander

In 1983 is in Nederland de Salische Wet geheel afgeschaft, waardoor prinses Catharina-Amalia koning koning bet casino Willem-Alexander zal opvolgen, ook als de koning nog een zoon krijgt. Nederland werd van 1890 tot 30 april 2013 onafgebroken geregeerd door een koningin, aangezien de opeenvolgende wettelijke erfgenamen geen mannelijke opvolgers hadden. Verschillende leden van vorstenhuizen dragen de titel koning(in) zonder dat ze nog staatshoofd zijn, de titel blijft tot de dood.

Voorbereiding op het koningschap

  • Tijdens de traditionele rijtoer door de stad werd door republikeinen en sympathisanten van de Dwaze Moeders gedemonstreerd op het Koningsplein.
  • Mijer wilde er eigenlijk niets van weten, maar bezweek onder de aanhoudende druk.
  • In de meeste van deze gevallen gaat het om beschermtitels die traditioneel door de koning of koningin der Nederlanden worden gedragen.
  • Tijdens zijn jeugd mochten Willem-Alexander en zijn broers niet of nauwelijks televisiekijken.
  • Met de grondwetsherziening van 1848 werd de macht van de Koning beperkt.
  • Bepalingen over de erfopvolging en huwelijk zijn opgenomen in hoofdstuk 2 van de Grondwet.

Dit geldt voor de koningen Juan Carlos, koning Albert en koning Simeon. Momenteel zijn er wereldwijd meer koningen dan koninkrijken. Bij de Germanen waren dit bijvoorbeeld voornamelijk ‘vegetatiekoningen’, die de vruchtbaarheid van het gewas en de overwinning in de strijd moesten garanderen. Historisch werd bij sommige stammen en volken de titel van koning gegeven aan de hoogste gezagsdrager. Met deze titel wordt het (mannelijk) staatshoofd van een koninkrijk aangeduid.

Andere geplande bezoeken werden juist vanwege de coronacrisis uitgesteld of geannuleerd, zoals Koningsdag. Op 20 maart sprak de Koning op de televisie het Nederlandse volk toe. De bedoeling daarvan was dat het kroonprinselijk paar in het licht van de kritiek naar buiten toe de indruk wilde geven dat het meer afstand genomen had tot het project.

Ontslagverlening en benoeming kabinet

De ministers van Financiën, Van Bosse, en Binnenlandse Zaken, Van Tets van Goudriaan, boden daarop hun ontslag aan. Willem wees er de ministerraad op dat hij niet kon terugkomen van zijn belofte aan Amsterdam en bewerkstelligde, door Eerste Kamerleden onder druk te zetten, dat de Senaat de spoorwegwet afwees. Het wetsvoorstel over het kanaal werd echter door de Tweede Kamer aangehouden, terwijl dat over de spoorwegwet wel werd aangenomen. De Tweede Kamer ging daarin mee en verhoogde de uitgaven met vier miljoen gulden. Mijer wilde er eigenlijk niets van weten, maar bezweek onder de aanhoudende druk. Hij drong er bij Willem op aan om de verordening voor zich te houden.

In een brief aan haar schoonvader, geschreven in de nazomer of herfst van dat jaar, hield ze hem voor dat ze door haar echtgenoot bedreigd en mishandeld werd. Hij liet zich alsnog overreden het koningschap te aanvaarden. Hij vernam pas van het overlijden van zijn vader, toen die al een dag dood was. Zijn vader trachtte hem van zijn ongelijk te overtuigen, onder meer door hem erop te wijzen dat het koningschap een “goddelijke roeping” is, die hij niet kon weigeren. Hij gaf als kroonprins aan de nieuwe grondwet van 1848 niet te accepteren.

De Grondwet bepaalt dat de Koning ministers en staatssecretarissen benoemt en ontslaat en dat zij ten overstaan van het staatshoofd worden beëdigd. Daar waar het lidmaatschap van het Koninklijk Huis vooral wordt bepaald door aangelegenheden rondom het staatsrecht, wordt zoals bij elke familie in Nederland door het personen- en familierecht bepaald wie lid is van de koninklijke familie. Gravin Eloise, graaf Claus-Casimir en gravin Leonore verloren op dat moment eveneens hun lidmaatschap van het Koninklijk Huis (de Wet lidmaatschap Koninklijk Huis vereist hiervoor een bloedverwantschap met de koning in maximaal de tweede graad), maar behielden hun recht op erfopvolging.

De volgende dag keerde het koningspaar met hun jongste dochter met een lijnvlucht weer terug in Nederland. Nadat er in de media ophef ontstond over deze koninklijke vakantie besloot het paar de vakantie af te breken. Andere evenementen vonden in andere, beperktere vorm plaats, zoals de Nationale Dodenherdenking en Prinsjesdag.

Positie en rol van het staatshoofd

Bij het overlijden van Willem III werd Adolf van Nassau de nieuwe groothertog van Luxemburg. De staatsminister van Luxemburg, Félix baron de Blochausen, trachtte Emma ertoe over te halen zich met de zienswijze van de koning te verenigen, maar tevergeefs. Willem III was er in 1884 nog van overtuigd dat er wel een regeling getroffen kon worden zodat zijn dochter Wilhelmina hem ook in Luxemburg zou kunnen opvolgen. Volgens de Erneuerte Nassauische Erbverein zou bij het uitsterven in de mannelijke lijn van de Ottoonse Linie van het Huis Nassau het groothertogdom Luxemburg worden geërfd door het hoofd van de Walramse Linie van het Huis Nassau. Dit regentschap duurde slechts enkele dagen, want op 23 november 1890 overleed de vorst, 73 jaar oud. Op 31 augustus 1890, de tiende verjaardag van zijn dochter, kreeg hij opnieuw een beroerte en op 25 september kreeg zijn dochter hem voor de laatste keer te zien.

Door het overlijden van prins Alexander in 1884 was te voorzien dat bij het overlijden van Willem III de Ottoonse Linie van het Huis Nassau in de mannelijke lijn zou uitsterven. Het geld voor een middagmaal voor de kameniers schafte hij af, waardoor ze volgens Emma’s hofdame Henriëtte van de Poll geen andere uitweg zagen dan de restjes op te peuzelen van de koninklijke maaltijden. In het voorjaar 1880 bezuinigde Willem op de maaltijden van het hofpersoneel. Als de bouillon volgens de koning te zout was, kon het gebeuren dat de chef-kok acht dagen geen toegang tot het paleis kreeg.

Scroll to Top